Translate with Google

TIEN ALBUMS

Juni 2018 (eerder/ook verschenen als column in iO Pages)

 

Deze blog/column schrijf ik graag. De onderwerpen ervoor liggen echter niet altijd voor het oprapen- ofwel ik denk dat het niet interessant is voor de doelgroep van iO Pages, of ik weet er gewoon niet genoeg van, of ik heb er geen mening over. Dus helpt redacteur Freek Wolff mij af en toe aan ideeën. Iets over The Voice? Hm, nee, volg ik niet. Over Pink Floyd, Yes en Genesis? Hm, gaap. Toetsenisten? Hm, over collega’s? Tribute bands? Hm, al gedaan. Je favoriete 10 albums dan? Momenteel loopt er zo’n doorgeef-thread op Facebook, maar daarbij heeft men mij tot op heden ontzien- dus dit leek me wel een mooie gelegenheid om de lezer daarmee lastig te vallen. Laat ik het houden op een aantal albums die belangrijk voor me waren in mijn muzikale leven. In willekeurige volgorde:

 

The Mothers Of Invention- Absolutely Free. Een van de eerste elpees die ik kocht, en ik vond destijds Frank’s ideeën bijzonder inspirerend en opwindend. Er was al een single aan vooraf gegaan, Who Are The Brain Police, fantastisch. Toen Frank een soort van jazz-rock kant uitging raakte hij me kwijt, en hoewel ik zijn vakmanschap bewonder, kon het me na We’re Only In It For the Money allemaal niet meer boeien. Zijn gitaarspel, ongetwijfeld heel knap, irriteert me zelfs.

 

The Beatles- Revolver. Mijn favoriete Beatles-album. Minder gekunsteld dan Sgt. Peppers, sublieme liedjes door een band die nog als een band klonk.

 

Chess- The Musical. Bepalend geweest voor mijn benadering van onze eigen rock-opera’s. Bjorn en Benny zijn hier als componisten bijzonder op dreef, en ook de teksten van Tim Rice zijn briljant. Niet alle vocalisten zijn gelukkig gekozen, vind ik, maar Murray Head in vooral ‘Pity The Child’ snijdt me door de ziel. Ik was een van de mazzelaars die de eerste concertante uitvoering in het Concertgebouw (met B & B) mocht meemaken.

 

The Beach Boys- Smiley Smile. Hoewel ik achteraf ‘Pet Sounds’ misschien nog wel beter vond, een memorabele en bijzondere plaat (de Brian Wilson reprise van later datum vond ik vrij onnodig) met die onnavolgbare samenzang met mijn favoriete vocalist ever: Carl Wilson. ‘Heroes and Villains’, beetje onderschat meesterwerk.

 

Avril Lavigne- Let Go. Vloeken in de prog-kerk? Kan zijn. Ik vond het een geweldige plaat, die het uiterste heeft gevergd van mijn autoradio-speakers. Fantastisch geproduceerd, aanstekelijke nummers.

Judee Sill- Heart Food. Dit is voor mij toch wel de plaat geworden waar ik het meeste mee heb. The Kiss, The Donor, Jesus Was a Crossmaker- allemaal hartverscheurend mooi met die van alle valse sentiment ontdane stem van tragische Judee, die met een onbegrepen religieus verlangen de meest onwaarschijnlijke, jaloersmakende melodieen tevoorschijn tovert.

Sarah McLachan- Afterglow. In de verte is haar stem met de wat beschouwende, melancholieke uitstraling vergelijkbaar met die van Judee, maar haar repertoire spreekt een veel groter publiek aan en gaat (dus) ook wat minder diep. Toch nog altijd een plaat die mij raakt vanwege de gestileerde somberheid.

Jimi Hendrix Experience- Are You Experienced. Heel gek, maar ik heb altijd meer gehad met gitaristen dan met toetsenisten. En van die gitaristen was Jimi Hendrix voor mij de absolute top. Gedurfd, uniek. Hoe hij met dat trio het gehele geluidsspectrum kon volmaken, was voor mij ongelooflijk (ook drummer Mitch Mitchell reken ik tot mijn favorieten). In mijn eerste echte bandje waamee we voornamelijk Cream en Hendrix-materiaal speelden, was ik bassist. Voornamelijk om Hey Joe te kunnen spelen, met dat legendarische basloopje van Noel Redding. Alle drie dood.

 

Yes- The Yes Album. Hehe, eindelijk ook een prog-plaat, hoor ik verzuchten. Klopt. Van groot belang geweest voor de beginperiode van Kayak. Na ‘Tales of Topographic Ocean’ ben ik persoonlijk afgehaakt, alleen kon de single ‘Owner of a Lonely Heart’ my nog bekoren. Wat ze de laatste 30 jaar gemaakt hebben, werkelijk geen idee.

 

Spirit- 12 Dreams of Dr. Sardonicus. Destijds grijsgedraaid. Vooral van ‘Nature’s Way’ kon ik geen genoeg krijgen. Nu blijft er voor mij niet zo heel veel meer van over, maar dat ligt meer aan mijn veranderende smaak dan aan de kwaliteit van dit album, denk ik.