Deze blog verscheen eerder in het tijdschrift iO Pages

Translate with Google

KRITIEK.

 

De b-kant van Kayak's derde single, See See the Sun, heette Give it a Name. (zie onder). Het is een tamelijk melig liedje waarin recensenten en critici op de hak werden genomen. Dat was namelijk een fenomeen, waarmee we (in 1973) nog moesten leren omgaan. We waren twintig, hadden net een elpee uitgebracht en dachten zelf dat we best wel goed waren. Niet iedereen was het daarmee eens, zo merkten we al gauw. De 'carrière' van Kayak in het algemeen en die van mij in het bijzonder is niet gegaan over een met lovende recensies geplaveide weg. Ik heb het al eens eerder geroepen: als ik slecht tegen kritiek had gekund, was ik in 1974 al uit de muziek gestapt.

 

 

 

 

Je weet als maker, dat een recensie slechts de mening van één persoon is. En ook, dat die recensie door middel van publicatie vele malen belangrijker wordt dan hij in wezen is- maar daardoor niet direct deskundiger en zinniger. Het is een feit dat een slechte recensie in de Telegraaf (om maar eens iets te noemen) meer pijn doet dan een beroerde kritiek in het Oostwapperveense Sufferdje. Voordat ik de redactie van het Oostwapperveense Sufferdje over me heen krijg: niet omdat de recensent van de Telegraaf meer verstand van zaken zou hebben dan die van genoemd Sufferdje, maar eenvoudigweg omdat de impact van die krant beduidend groter is vanwege het aantal lezers. En een negatief verhaal heeft weer invloed op de mening en luisterbereidheid van anderen. Vervolgens op de verkoop en uiteindelijk in je portemonnaie. Dan zwijg ik nog even over het frustrerende effect, dat een niet al te beste kritiek kan hebben op je humeur en creativiteit- zeker als het er meer dan één is. Laat ik het zo verwoorden: je leert er mee te dealen, maar het went nooit echt. Het beste is om ze niet te lezen, maar dat lukt in de praktijk niet.

 

Wat mij wel is opgevallen is dat 'hobbymatige' recensenten meestal vrolijker ingesteld zijn dan degenen die er hun brood mee verdienen. Misschien komt dat, omdat de eersten het meestal gewoon nog leuk vinden om aandachtig naar iets te luisteren, terwijl de laatsten vaak hun mening al klaar hebben voordat ze ook maar één noot gehoord hebben. Of ze moeten van de redactie iets schrijven over bepaalde muziek, waar ze geen enkele affiniteit mee hebben. Dan laat ik de ongelukkigen, die er door weer en wind na een ruzie met moeder de vrouw op uit moeten naar een concert waar ze sowieso al helemaal geen zin in hadden, nog buiten beschouwing. Daar kun je als artiest over gaan zeuren, maar het is nu eenmaal zo. En als je er niet tegen kan, dan moet je misschien een ander vak kiezen. Of een lange neus in de vorm van een liedje schrijven, dat lucht in elk geval tijdelijk op.

 

Een niet te stuiten ontwikkeling van de laatste jaren is, dat de impact van de beroepsmatige recensent vooral door internet, waarop iedereen nu eenmaal vrijelijk zijn behoefte kan doen, danig lijkt gekrompen. Is dat een voordeel? Weet ik niet. Een mening geven kan iedereen. Daar hoef je niets voor te kunnen of te weten- je hoeft alleen maar iets te vinden, en dat graag willen ventileren. Wat soms niet helemaal begrepen wordt (of juist wel, des te erger) is het feit dat artiesten dat ook lezen. En die het zich, door een fatale combinatie van gevoeligheid en ijdelheid zeer kunnen aantrekken. En dat kan verstrekkende gevolgen hebben, die verder kunnen gaan dan een nachtje slecht slapen, of een door al die kritiek veroorzaakt 'writer's block'. Vroeger kwam die vloedgolf van meningen vaak indirect. Er was eens een brief, een deejay hoorde er niks in, of de plaat deed het qua verkoop wat minder. Maar nu is de situatie wezenlijk anders.

 

Er werd geschreven, dat de zelfmoord van Keith Emerson eerder dit jaar mede een gevolg was van allerlei dom narcistisch gekakel op internet. De toetsenist zou zo bang voor een publieke afgang zijn geweest, zo bang om zijn vroegere niveau niet meer te kunnen halen en fans teleur te stellen, dat hij besloot een eind aan zijn leven te maken. Het valt niet te bewijzen, maar ik zou het zomaar kunnen geloven. Al eerder waren er meedogenloze uitlatingen gedaan door lieden, die als beste stuurlui graag hun ongenoegen spuien maar geen idee hebben wat dergelijke woorden kunnen aanrichten bij iemand die geconfronteerd wordt met een falend lichaam. Keith las dat ook en kon daar niet tegen. Ja, misschien had hij eerder moeten stoppen. Maar het is tragisch, wat gebrek aan inlevingsvermogen, fatsoen en respect kunnen aanrichten, ook bij iemand die ver boven dat geleuter verheven zou moeten zijn. Helaas, ook dat is internet: het open riool van de technologische samenleving. Twitter maakt meer kapot dan je lief is.

 

Terug naar het uitgangspunt. Uiteindelijk komt het hier op neer: muziek raakt je of niet- daar hoef je niet voor doorgeleerd te hebben. En ik mopper niet. Want is er nog één ding erger dan een slechte kritiek, en dat is helemáál geen kritiek.

 

Give It A Name (tekst Pim Koopman, Cees van Leeuwen 1973)

 

It's very logical, yet quite insane when you're

Still sitting wond'ring trying to give it a name, ahah- ahah-ahah

Like to compare it with uh... what would you say about uh...

Alright I will find a name anyway, ahahahahahah

 

(spoken:)

 

This is a tiresong tale about a critical ear

I guess I'm going to give it to you extremely clear

When the band starts to play and the lights grow dim

He opens his gate to let the soundwaves in

When his mood is good, he takes a positive seave

When his mood is sad, soon he's going to grieve

There is no absolute quality, nor absolute taste

But he has to do his job, there is no time to waste

Now mr. Bias, his friend, has said: That's real rock n rollY

ou have to back that group boy, they won the last poll

He knew he shouldn't take the words of mr Bias for sure

But his influence is strong and so hard to obscure

To be objective is not easy cause you need some tool

For to estimate music there is no estimating rule

Now he writes something down, he doesn't care he's to blame

He just has to say something, so gives it- sorry... gives it a name